Vraag&antwoord over werken in het onderwijs

Heb je een gerichte vraag, en ben je op zoek naar het antwoord op deze vraag? Bekijk hier ons overzicht van veelgestelde vragen. Sommige vragen uit dit overzicht zijn vragen van oriënteerders die via het contactformulier of telefonisch contact met ons hebben opgenomen en andere vragen komen uit de meestgelezen artikelen. Wil je meer weten? Klik dan op "Lees meer" onderaan het antwoord om bij een uitgebreid artikel uit de kennisbank te komen.

Lerarenopleidingen

Lerarenopleiding primair onderwijs (pabo)

  • Met jouw twee diploma’s mag je lesgeven op dezelfde scholen als anderen met een bevoegdheid voor het primair onderwijs: in het regulier basisonderwijs, in het praktijkonderwijs en op scholen voor speciaal (basis)onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.
    Lees meer
  • Je krijgt twee diploma’s: een hbo-bachelordiploma Leerkracht Basisonderwijs (incl. bevoegdheid voor het primair onderwijs) en een wo-bachelordiploma Onderwijswetenschappen of Pedagogische Wetenschappen, waarmee je toelaatbaar bent tot de master Onderwijswetenschappen of Pedagogische Wetenschappen.
    Lees meer
  • Nee, mbo1-, mbo2- en mbo3-opleidingen sluiten niet aan op een hbo-opleiding. Wat zijn je opties? Je kunt doorstromen naar de havo of een mbo4-opleiding (bijvoorbeeld tot onderwijsassistent) en daarna de pabo doen. Ook kun je de 21+-toets doen. Als je hiervoor slaagt, kun je wel beginnen aan de pabo.
    Lees meer
  • De voltijdvariant van de pabo duurt vier jaar. Bij flexibele of verkorte deeltijdvarianten kan je traject twee tot vier jaar duren, afhankelijk van eventuele vrijstellingen waar je recht op hebt vanwege je vooropleidingen. Vraag hiernaar bij de hogeschool waar jij de pabo wilt volgen.
    Lees meer
  • Een overzicht van hogescholen in Nederland die de pabo aanbieden, kun je vinden in het onderstaande artikel.
    Lees meer
  • Pabo staat voor pedagogische academie basisonderwijs. De pabo is de hbo-opleiding om leraar in het primair onderwijs te worden.
    Lees meer
  • Ja, je kunt met een mbo4-diploma toegelaten worden tot de pabo, maar je moet wel een aantal toelatingstoetsen halen. Deze toetsen zijn er voor de vakken aardrijkskunde, geschiedenis en natuur & techniek.
    Lees meer
  • Primair onderwijs en basisonderwijs worden vaak door elkaar gebruikt, maar deze termen betekenen niet hetzelfde. Primair onderwijs is de parapluterm voor het reguliere basisonderwijs, het speciaal basisonderwijs, het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.
    Lees meer
  • De minimale toelatingseisen voor de pabo zijn een mbo4- of een havo-diploma. Ben je niet in bezit van deze diploma's? Dan kun je een **21+-toets maken om toegelaten te worden. Voor de universitaire pabo zijn de minimale vooropleidingseisen een vwo-diploma of een hbo-propedeuse.
Lerarenopleidingen

Lerarenopleiding voortgezet onderwijs en mbo

  • Ulo staat voor universitaire lerarenopleiding: je volgt een ulo altijd aan een universiteit. Ulo's kunnen educatieve masters zijn, maar ook minors of modules. Educatieve masters sluit je af met een eerstegraads bevoegdheid; educatieve minors en modules met een beperkte tweedegraads bevoegdheid.
    Lees meer
  • Een educatieve master is een universitaire lerarenopleiding die studenten opleidt tot eerstegraads bevoegde docenten. Deze master duurt twee jaar, tenzij je vakinhoudelijk, vakdidactisch of pedagogisch al voldoende studiepunten hebt behaald. De master kan dan een jaar of zelfs een half jaar duren.
    Lees meer
  • Aansluitend op een aantal universitaire bachelors kun je een educatieve module volgen. Na deze module ben je beperkt tweedegraads bevoegd. Je mag dan lesgeven in de onderbouw van havo/vwo en in vmbo-tl. Met deze beperkte bevoegdheid krijg je doorgaans vrijstellingen voor de educatieve master.
    Lees meer
  • Tijdens veel universitaire bachelorstudies kun je een educatieve minor volgen. Na afronding van deze minor ben je beperkt tweedegraads bevoegd. Je mag dan lesgeven in de onderbouw van havo/vwo en in vmbo-tl. Met deze minor krijg je doorgaans vrijstellingen voor een deel van de educatieve master.
    Lees meer
  • Na afronding van de educatieve minor/module ben je beperkt tweedegraads bevoegd. Je mag dan lesgeven in de theoretische leerweg van het vmbo (vmbo-tl) en in de onderbouw van de havo en het vwo.
    Lees meer
  • Lerarenopleidingen worden aangeboden door hogescholen, universiteiten en commerciële opleidingsinstituten. In onze onderwijsnavigator kun je alle aanbieders van lerarenopleidingen vinden.
    Lees meer
  • Een kopopleiding is een 1-jarige hbo-lerarenopleiding waarmee je met een eerder behaald hbo- of wo-bachelordiploma een tweedegraads bevoegdheid kunt halen. Je komt in aanmerking voor de kopopleiding wanneer je in het bezit bent van een bacheloropleiding die direct aansluit bij een schoolvak.
    Lees meer
  • Met een eerstegraads bevoegdheid mag je lesgeven in alle klassen van het voortgezet onderwijs, in het volwassenenonderwijs, in het mbo en in het praktijkonderwijs. Je mag zelfs in het primair onderwijs lesgeven, mits je een schoolvak geeft dat overeenkomt met een vak dat daar wordt gegeven.
    Lees meer
  • Met een tweedegraads bevoegdheid mag je lesgeven in de onderbouw van havo/vwo, in het vmbo, in het volwassenenonderwijs, in het mbo en in het praktijkonderwijs. Je mag zelfs in het primair onderwijs lesgeven, mits je een schoolvak geeft dat overeenkomt met een vak dat daar wordt gegeven.
    Lees meer
Lerarenopleidingen

Andere routes

  • Volgens een inventarisatie van het ministerie van OCW van maart 2020 zijn er maar liefst 384 routes die leiden tot een lesbevoegdheid. Er zijn drie hoofdroutes te onderscheiden: voltijdopleidingen, deeltijdopleidingen en zij-instroomtrajecten. We denken graag met je mee over de beste route voor jou.
  • Een post-hbo-opleiding (of bachelor+-opleiding) is een opleiding op hbo-niveau voor iedereen die zich wil specialiseren of verbreden in een bepaald vakgebied. Met deze opleiding kun je je kennis en kunde over dat vakgebied naar een hoger niveau tillen en je je verder in je loopbaan ontwikkelen.
  • Ja, als je les wilt geven moet je in principe altijd een lerarenopleiding of zij-instroomtraject hebben afgerond. Met jouw bevoegdheid, diploma, certificaat of getuigschrift kun je aantonen dat je vakinhoudelijk, vakdidactisch en pedagogisch bekwaam bent om het vak van leraar uit te oefenen.
    Lees meer
  • Ja, met een afgeronde educatieve associate degree, zoals een associate degree tot onderwijsondersteuner, of pedagogisch educatief professional, kun je allerlei functies in de klas bekleden. Je vindt alle educatieve associate degrees op de website van Studielink.
  • Als je geen mbo4-, havo- of vwo-diploma hebt, dan kan je met behulp van een 21+-toets toch aantonen dat jij het juiste werk/denkniveau hebt om aan een hbo-studie te beginnen. Je moet daarvoor 21 jaar wel of ouder zijn.
    Lees meer
  • In het basis- en voortgezet onderwijs heb je een bevoegdheid nodig om voor de klas te staan, met uitzondering van leraren in opleiding en gastdocenten. Binnen het mbo is ‘bevoegd' geen wettelijke term: het schoolbestuur bepaalt daar of jij vakinhoudelijk, vakdidactisch en pedagogisch bekwaam bent.
    Lees meer
Lerarenopleidingen

Studievarianten

  • Een voltijdopleiding aan een hogeschool duurt meestal vier jaar. Er zijn ook verkorte routes mogelijk. Als voltijdstudent volg je in bijna elke dag lessen of colleges, loop je stage en besteed je tijd aan zelfstudie. Er wordt van je verwacht dat je gemiddeld 40 uur per week besteedt aan je studie.
  • De duur van een deeltijdopleiding varieert per hogeschool en per opleiding en hangt af van de vraag of je recht hebt op vrijstellingen voor bepaalde modules of vakken tijdens je studie. Gemiddeld duren deeltijdopleidingen twee tot vier jaar.
    Lees meer
  • Een deeltijdopleiding heeft minder contacturen dan een voltijdopleiding, namelijk meestal één lesdag in de week of twee avonden. Je kunt werk en een studie op die manier goed combineren. Het werk dat je daarnaast doet, hoeft niet aan te sluiten op je studie.
    Lees meer
Zij-instroom

Stap 1: Oriënteren en solliciteren

  • Volgens een inventarisatie van het ministerie van OCW van maart 2020 zijn er maar liefst 384 routes die leiden tot een lesbevoegdheid. Er zijn drie hoofdroutes te onderscheiden: voltijdopleidingen, deeltijdopleidingen en zij-instroomtrajecten. We denken graag met je mee over de beste route voor jou.
  • Je moet het traject binnen twee jaar afronden. Volgens de wet mag je namelijk officieel niet langer dan twee jaar zonder bekwaamheidsverklaring voor de klas staan. Een maximale verlenging van twee jaar is mogelijk, mits daar een goede reden voor is.
  • Je moet in dienst zijn bij een school om met een zij-instroomtraject te kunnen starten. Scholen geven in hun vacatureteksten echter niet altijd aan of die geschikt zijn voor zij-instromers. Stuur in dat geval een open sollicitatie en neem contact op met de school.
  • Het traject 'zij-instroom in het beroep' is een tweejarig traject waarbij je tegelijkertijd werkt en leert. Je bent in dienst van de school en volgt daarnaast vakken op een lerarenopleiding. Om in aanmerking te komen voor een zij-instroomtraject heb je minimaal een hbo- of wo-diploma nodig.
  • De studiebelasting van een zij-instroomtraject staat niet vast. In de praktijk komt het werken op een school én het volgen van colleges op een lerarenopleiding voor veel zij-instromers neer op een volle werkweek, maar een zij-instroomtraject is maatwerk en de belasting is dus voor iedereen anders.
Zij-instroom

Stap 2: Het geschiktheidsonderzoek

  • Een geschiktheidsonderzoek bestaat uit ten minste uit (1) het portfolio: een schriftelijk document dat een overzicht geeft van al je relevante studie- en werkervaring, en (2) een assessment: een observatie van een praktijksituatie, met meestal een reflectiegesprek en/of criteriumgericht interview.
    Lees meer
  • Het geschiktheidsonderzoek voor het traject 'Zij-instroom in het beroep' voor het primair onderwijs of voortgezet onderwijs wordt uitgevoerd door de hogeschool waar jij je colleges zal gaan volgen. De school waar jij in dienst bent als zij-instromer vraagt dit geschiktheidsonderzoek voor jou aan.
    Lees meer
  • Een geschiktheidsonderzoek is de start van een zij-instroomtraject. Er wordt bepaald of je direct voor de klas kunt en binnen twee jaar je bevoegdheid kunt halen. Haal je het geschiktheidsonderzoek niet, dan krijg je geen geschiktheidsverklaring en mag je niet starten met het zij-instroomtraject.
    Lees meer
Zij-instroom

Stap 3: Het zij-instroomtraject

  • Ja, je wordt als zij-instromer binnen een school begeleid. Je staat als zij-instromer direct, zelfstandig voor de klas, maar daarnaast wordt er binnen jouw school wel een ervaren docent aangewezen die jou kan begeleiden/coachen. Je maakt er met de school afspraken over hoe die begeleiding eruitziet.
  • Ja, je bent in dienst van de school en staat zelfstandig voor de klas. Je ontvangt gewoon salaris naar de omvang van jouw aanstelling.
    Lees meer
  • Ja, een zij-instroomtraject is geen stagetraject. Je staat direct, zelfstandig voor de klas. Je maakt zelf afspraken met jouw schoolbestuur hoe je bij jouw werkzaamheden wordt begeleid. Er moet bij de begeleiding in elk geval een bevoegde collega van de zij-instromer betrokken zijn.
  • Je moet het traject binnen twee jaar afronden. Volgens de wet mag je namelijk officieel niet langer dan twee jaar zonder bekwaamheidsverklaring voor de klas staan. Een maximale verlenging van twee jaar is mogelijk, mits daar een goede reden voor is.
  • De studiebelasting van een zij-instroomtraject staat niet vast. In de praktijk komt het werken op een school én het volgen van colleges op een lerarenopleiding voor veel zij-instromers neer op een volle werkweek, maar een zij-instroomtraject is maatwerk en de belasting is dus voor iedereen anders.
  • Ja. Je solliciteert op een functie, en krijgt een aanstelling als zij-instromer. Je bent dus een echte werknemer van de school. Je ontvangt ook gewoon een salaris. Wel zijn er vaste afspraken over het halen van je lesbevoegdheid. En als zij-instromer krijg je altijd een tijdelijk contract.
Zij-instroom

Stap 4: Het getuigschrift

  • Nee. Je krijgt na afronding van een zij-instroomtraject een getuigschrift dat gelijk staat aan een van de drie bevoegdheden: de bevoegdheid voor het primair onderwijs of voor het voortgezet onderwijs een tweedegraads of eerstegraads bevoegdheid. Je getuigschrift is geen bachelor- of masterdiploma.
    Lees meer
  • Nee, dat is afhankelijk van het zij-instroomtraject dat je doorloopt. Heb je een zij-instroomtraject voor het basisonderwijs afgerond? Dan mag je lesgeven in het primair onderwijs. Met een zij-instroomtraject voor het voortgezet onderwijs mag je lesgeven in het mbo en het voortgezet onderwijs.
    Lees meer
  • Heb je een zij-instroomtraject voor het primair onderwijs afgerond? Dan ontvang je een getuigschrift dat gelijkstaat aan een bevoegdheid voor het primair onderwijs. Voor het voortgezet onderwijs is dat een tweede- of eerstegraads bevoegdheid. Je getuigschrift is geen bachelor- of masterdiploma.
  • Een zij-instroomtraject wordt afgesloten met een bekwaamheidsonderzoek. Rond je dat succesvol af? Dan krijg je een bekwaamheidsverklaring: een getuigschrift dat aangeeft dat jij vakinhoudelijk, vakdidactisch en pedagogisch bekwaam bent. Je hebt daarmee een officieel erkende bevoegdheid in handen.
Zij-instroom

Zij-instromen in het mbo: het PDG-traject

  • Ja, mits het bevoegde gezag van een mbo-school jou ook vakinhoudelijk bekwaam acht. Iedere docent moet vakinhoudelijk, vakdidactisch én pedagogisch bekwaam zijn. Een PDG toont de laatste twee bekwaamheden aan, maar het schoolbestuur bepaalt uiteindelijk of jij als mbo-docent benoemd kunt worden.
    Lees meer
  • Om in het mbo les te kunnen geven als docent of instructeur hoef je geen bevoegdheid te hebben: ‘bevoegd’ is geen wettelijke term binnen het mbo. Met een tweede- of eerstegraads lesbevoegdheid ben je mogelijk wel benoembaar in het mbo. Het schoolbestuur van een mbo-school bepaalt of je bekwaam bent.
    Lees meer
  • Er zijn vooropleidingseisen verbonden aan een PDG-traject. Zo moet je minimaal een hbo-opleiding hebben afgerond of op een andere manier kunnen aantonen dat je hbo-werk/denkniveau hebt. In dat geval is ook minimaal drie jaar werkervaring vereist die relevant is voor het vak dat je wilt geven.
    Lees meer
  • Het PDG-traject is voor zij-instromers die les willen geven op een mbo-school in een vak waarvoor geen lerarenopleiding bestaat. Voordat je start, bepaalt het bestuur van de mbo-school waar je aan de slag gaat of je vakinhoudelijk bekwaam bent en of je geschikt bent om les te geven in jouw vak.
    Lees meer
Werken op school

Als leraar/docent

Werken op school

Als gastdocent

  • Je mag als gastdocent zonder bevoegdheid lessen verzorgen op school. Dat mag (op jaarbasis) gemiddeld 6 lesuren per week.
    Lees meer
  • Je kunt op vacaturesites zoeken naar treffers als ‘gastdocent’ en ‘gastles’. Scholen plaatsen daar soms vacatures met een zoekvraag voor een specifieke gastles. Daarnaast zijn er veel instanties en bedrijven die eigen personeel inzetten om af en toe gastlessen op onderwijsinstellingen te verzorgen.
    Lees meer
  • In het basis- en voortgezet onderwijs heb je een bevoegdheid nodig om voor de klas te staan, met uitzondering van leraren in opleiding en gastdocenten. Binnen het mbo is ‘bevoegd' geen wettelijke term: het schoolbestuur bepaalt daar of jij vakinhoudelijk, vakdidactisch en pedagogisch bekwaam bent.
    Lees meer
Werken op school

In een andere functie

  • Er zijn twee opleidingen waar je gericht aan de slag gaat met de vakdidactische en pedagogische competenties die je nodig hebt als instructeur. Je kunt de 1-jarige mbo4-opleiding ‘Instructeur mbo’ volgen of een 2-jarige educatieve associate degree tot onderwijsondersteuner.
    Lees meer
  • Praktijkopleiders begeleiden de vmbo-, studenten op hun stage en/of werkplek. Daarnaast onderhouden ze contact met de school waar de stagiairs hun opleiding volgen. Praktijkopleiders vervullen een belangrijke rol binnen het mbo: sommige mbo-studenten besteden meer tijd op de werkvloer dan op school.
  • Een intern begeleider (IB'er) begeleidt en ondersteunt op een school bij het inhoud geven aan leerlingenzorg. Ook levert een IB'er een bijdrage aan het implementeren van vernieuwingen op school. Het precieze takenpakket van een intern begeleider kan per school verschillen.
  • Een remedial teacher geeft extra begeleiding aan kinderen van 4 tot 14 jaar. Dat gebeurt tijdens of buiten schooltijd op verzoek van een leraar of van de ouders/verzorgers. Een remedial teacher helpt bijvoorbeeld met lezen, rekenen of spellen, of met concentratie- of planproblemen.
  • Een school moet kunnen aantonen dat al zijn medewerkers in bezit zijn van een VOG en dus geen strafbare feiten hebben gepleegd die een bezwaar vormen voor de functie die zij uitoefenen.
    Lees meer
  • In een mbo-school staat het onderwijsteam centraal, dat bestaat uit docenten en instructeurs. Instructeurs zijn meestal verantwoordelijk voor de praktijkonderdelen van de opleiding. Ze geven regelmatig zelfstandig (delen van) lessen, maar altijd onder verantwoordelijkheid van een docent.
    Lees meer
Onderwijssysteem

Onderwijssectoren

  • Het traditioneel vernieuwingsonderwijs bestaat uit verschillende onderwijsconcepten die afstand nemen van het reguliere, klassikale onderwijs. Dit zijn: montessori-, dalton-, vrije-, jenaplan- en freinetscholen .
    Lees meer
  • Het hoger onderwijs bestaat uit: - het onderwijs op hogescholen (het hoger beroepsonderwijs: hbo) - het onderwijs op universiteiten (het wetenschappelijk onderwijs: wo)
    Lees meer
  • 10-14-onderwijs is voor leerlingen van 10 tot 14 jaar. Deze scholen staan ook wel bekend als tienerscholen. Leerlingen krijgen op deze scholen meer tijd om te ontdekken wat ze willen en kunnen en wat bij hen past, voordat ze een keuze voor een middelbare school moeten maken.
  • De afkorting lwoo staat voor leerwegondersteunend onderwijs. Lwoo is onderwijs aan vmbo-leerlingen van de basis- en soms van de kaderberoepsgerichte leerweg en biedt leerlingen met leerachterstanden extra ondersteuning, zodat ze makkelijker hun diploma kunnen halen.
    Lees meer
  • Het praktijkonderwijs valt onder het voortgezet onderwijs. In het praktijkonderwijs hebben leerlingen intensieve begeleiding nodig. Ze krijgen in kleine groepen les in een aantal schoolvakken, in praktijkvakken en in algemene vaardigheden, zoals zelfredzaamheid en werknemersvaardigheden.
    Lees meer
  • Het vavo is een afkorting van het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs. Op het vavo kunnen volwassenen een vmbo-tl-, havo- of vwo-diploma of deelcertificaten voor bepaalde schoolvakken halen. Het vavo wordt aangeboden door mbo-instellingen door heel Nederland.
    Lees meer
  • Het speciaal onderwijs bestaat uit drie takken. De eerste is het speciaal basisonderwijs, dat voor kinderen is ingericht die niet goed kunnen meekomen op een reguliere basisschool, en daarnaast het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs, voor kinderen met zwaardere problematiek.
    Lees meer
  • Primair onderwijs en basisonderwijs worden vaak door elkaar gebruikt, maar deze termen betekenen niet hetzelfde. Primair onderwijs is de parapluterm voor het reguliere basisonderwijs, het speciaal basisonderwijs, het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.
    Lees meer
Onderwijssysteem

De drie bevoegdheden

  • Een eerstegraads bevoegdheid kun je halen via het zib-traject (zij-instroom in het beroep) of via een masteropleiding aan een hogeschool of universiteit. Er zijn drie varianten van de eerstegraads masteropleidingen: een hbo-masteropleiding, een 2-jarige en 1-jarige universitaire master.
    Lees meer
  • Met een tweedegraads bevoegdheid kun je lesgeven in de onderbouw van havo en vwo, het vmbo, het voortgezet speciaal onderwijs, het praktijkonderwijs, het mbo (waar ook volwasseneneducatie onder valt) en het primair onderwijs, mits je een vak geeft dat overeenkomt met een vak dat daar wordt gegeven.
    Lees meer
  • Met een eerstegraads bevoegdheid kun je lesgeven in alle klassen van vmbo, havo en vwo, het voortgezet speciaal onderwijs, het praktijkonderwijs, het mbo (waar ook volwasseneneducatie onder valt) en in het primair onderwijs, mits je een vak geeft dat overeenkomt met een vak dat daar wordt gegeven.
    Lees meer
  • Met deze bevoegdheid kun je lesgeven op de basisschool, in het praktijkonderwijs, op scholen voor speciaal (basis)onderwijs en in het voortgezet speciaal onderwijs. Echter, indien een school voor voortgezet speciaal onderwijs zelf eindexamens afneemt, heb je een tweedegraads bevoegdheid nodig.
    Lees meer
  • Ja, je kunt met een tweede- of eerstegraads bevoegdheid lesgeven in het basisonderwijs, maar alleen als vakdocent. Je kunt dus bijvoorbeeld geschiedenislessen geven op de basisschool als je een tweede- of eerstegraads bevoegdheid voor het schoolvak geschiedenis hebt.
    Lees meer
  • Ja, met een pabodiploma van vóór 1986 (van de Pedagogische Academie) mag je lesgeven in het vso, het praktijkonderwijs en je mag Nederlands geven in het vmbo. Op je getuigschrift moet dan wel de bevoegdheid 'Nederlands 3e graads' vermeld staan.
    Lees meer
  • Nee, met een pabodiploma ben niet bevoegd om les te geven in het voortgezet onderwijs, ook niet in het vmbo, tenzij je het het aanvullende certificaat ‘Groepsleerkracht onderbouw vmbo basis/kader’ hebt behaald. In alle andere gevallen heb je minimaal een tweedegraads bevoegdheid nodig.
    Lees meer
  • Met een eerstegraads bevoegdheid mag je lesgeven in alle klassen van het voortgezet onderwijs, in het volwassenenonderwijs, in het mbo en in het praktijkonderwijs. Je mag zelfs in het primair onderwijs lesgeven, mits je een schoolvak geeft dat overeenkomt met een vak dat daar wordt gegeven.
    Lees meer
  • Met een tweedegraads bevoegdheid mag je lesgeven in de onderbouw van havo/vwo, in het vmbo, in het volwassenenonderwijs, in het mbo en in het praktijkonderwijs. Je mag zelfs in het primair onderwijs lesgeven, mits je een schoolvak geeft dat overeenkomt met een vak dat daar wordt gegeven.
    Lees meer
Onderwijssysteem

Meer vragen over bevoegdheden

  • Een slapende bevoegdheid wordt gebruikt voor een situatie waarin een leraar (meestal in het voortgezet onderwijs) les geeft in een vak of profiel waarvoor hij of zij wel bevoegd is, maar eigenlijk niet meer bekwaam is, omdat hij of zij al lang geen les meer heeft gegeven.
    Lees meer
  • Bij sommige lerarenopleidingen kun je twee bevoegdheden in één keer halen. Bijvoorbeeld een tweedegraads bevoegdheid voor twee schoolvakken of profielen, of een tweedegraads bevoegdheid en een bevoegdheid voor het primair onderwijs. Met deze gecombineerde opleidingen zijn studenten breder inzetbaar.
  • Heb jij een oud diploma met een derdegraads bevoegdheid? Dan mag jouw vak verzorgen in het vmbo. Er bestaat inmiddels geen lerarenopleiding meer die studenten opleidt voor deze bevoegdheid, maar tot de jaren 70 bestond de derdegraads bevoegdheid naast de eerste- en een tweedegraads bevoegdheden.
  • Om in het mbo les te kunnen geven als docent of instructeur hoef je geen bevoegdheid te hebben: ‘bevoegd’ is geen wettelijke term binnen het mbo. Met een tweede- of eerstegraads lesbevoegdheid ben je mogelijk wel benoembaar in het mbo. Het schoolbestuur van een mbo-school bepaalt of je bekwaam bent.
    Lees meer
  • Ja, als je les wilt geven moet je in principe altijd een lerarenopleiding of zij-instroomtraject hebben afgerond. Met jouw bevoegdheid, diploma, certificaat of getuigschrift kun je aantonen dat je vakinhoudelijk, vakdidactisch en pedagogisch bekwaam bent om het vak van leraar uit te oefenen.
    Lees meer
  • Nee, er bestaat geen aparte bevoegdheid om les te geven in het hoger onderwijs (hbo en wo). Veel onderwijsinstellingen vragen wel ten minste een hbo- of wo-diploma, maar soms is het ook een vereiste dat je gepromoveerd bent. Verder word je vaak verplicht om een basiskwalificatie onderwijs (BKO) te halen.
  • Na afronding van de educatieve minor/module ben je beperkt tweedegraads bevoegd. Je mag dan lesgeven in de theoretische leerweg van het vmbo (vmbo-tl) en in de onderbouw van de havo en het vwo.
    Lees meer
  • Als je in het buitenland je lesbevoegdheid hebt gehaald, betekent dat niet automatisch dat je in Nederland als docent aan de slag mag: je moet je buitenlandse bevoegdheid eerst laten erkennen. De erkenning van je bevoegdheid ligt in handen van DUO.
    Lees meer
  • In het basis- en voortgezet onderwijs heb je een bevoegdheid nodig om voor de klas te staan, met uitzondering van leraren in opleiding en gastdocenten. Binnen het mbo is ‘bevoegd' geen wettelijke term: het schoolbestuur bepaalt daar of jij vakinhoudelijk, vakdidactisch en pedagogisch bekwaam bent.
    Lees meer
Cao’s en wetgeving

Cao’s

Cao’s en wetgeving

Salaris

Cao’s en wetgeving

Arbeidsvoorwaarden

Cao’s en wetgeving

Wetten en regels

  • Benader UWV als je wilt weten wat er met je uitkering of sollicitatieplicht gebeurt als je aan een voltijd- of deeltijdopleiding begint. Neem ook contact op met UWV als je wilt weten wat de gevolgen zijn op het moment dat je stage gaat lopen of aan een werk-leertraject (zij-instroom) begint.
    Lees meer
  • Omscholen naar een baan in het onderwijs invloed kan invloed hebben op jouw uitkering of eventuele sollicitatieplicht. Overleg altijd met UWV en onderzoek goed wat een overstap voor jouw financiële situatie betekent.
    Lees meer
  • Een VOG staat voor Verklaring Omtrent Gedrag. Het is een papieren document dat aangeeft dat jouw gedrag in het verleden geen bezwaar vormt voor een bepaalde taak of functie. Er wordt gekeken of er geen strafbare feiten en/of andere bezwaren gevonden zijn in je verleden.
    Lees meer
  • Een school moet kunnen aantonen dat al zijn medewerkers in bezit zijn van een VOG en dus geen strafbare feiten hebben gepleegd die een bezwaar vormen voor de functie die zij uitoefenen.
    Lees meer
  • Als je geen mbo4-, havo- of vwo-diploma hebt, dan kan je met behulp van een 21+-toets toch aantonen dat jij het juiste werk/denkniveau hebt om aan een hbo-studie te beginnen. Je moet daarvoor 21 jaar wel of ouder zijn.
    Lees meer
  • In het basis- en voortgezet onderwijs heb je een bevoegdheid nodig om voor de klas te staan, met uitzondering van leraren in opleiding en gastdocenten. Binnen het mbo is ‘bevoegd' geen wettelijke term: het schoolbestuur bepaalt daar of jij vakinhoudelijk, vakdidactisch en pedagogisch bekwaam bent.
    Lees meer
Subsidies en tegemoetkomingen

Subsidies

Subsidies en tegemoetkomingen

Leningen

  • Het Levenlanglerenkrediet is een lening die kan worden gebruikt voor een wettelijk erkende opleiding op een mbo of hbo of binnen het wo. Binnen 15 jaar na afstuderen moet je de lening afbetalen. Hoeveel je per maand moet aflossen, hangt af van de hoogte van je schuld, van de rente en van je inkomen.
    Lees meer
Begrippen en afkortingen

Opleidingen

  • Bol en bbl zijn twee verschillende leerwegen binnen het mbo. Bol betekent beroepsopleidende leerweg. Je loopt dan stage naast je opleiding. Bbl betekent beroepsbegeleidende leerweg. Bij een bbl opleiding werk je naast je studie bij een bedrijf of instelling. Kijk op de website van KiesMBO.nl.
  • Ulo staat voor universitaire lerarenopleiding: je volgt een ulo altijd aan een universiteit. Ulo's kunnen educatieve masters zijn, maar ook minors of modules. Educatieve masters sluit je af met een eerstegraads bevoegdheid; educatieve minors en modules met een beperkte tweedegraads bevoegdheid.
    Lees meer
  • Een educatieve master is een universitaire lerarenopleiding die studenten opleidt tot eerstegraads bevoegde docenten. Deze master duurt twee jaar, tenzij je vakinhoudelijk, vakdidactisch of pedagogisch al voldoende studiepunten hebt behaald. De master kan dan een jaar of zelfs een half jaar duren.
    Lees meer
  • Aansluitend op een aantal universitaire bachelors kun je een educatieve module volgen. Na deze module ben je beperkt tweedegraads bevoegd. Je mag dan lesgeven in de onderbouw van havo/vwo en in vmbo-tl. Met deze beperkte bevoegdheid krijg je doorgaans vrijstellingen voor de educatieve master.
    Lees meer
  • Het praktijkonderwijs valt onder het voortgezet onderwijs. In het praktijkonderwijs hebben leerlingen intensieve begeleiding nodig. Ze krijgen in kleine groepen les in een aantal schoolvakken, in praktijkvakken en in algemene vaardigheden, zoals zelfredzaamheid en werknemersvaardigheden.
    Lees meer
  • Tijdens veel universitaire bachelorstudies kun je een educatieve minor volgen. Na afronding van deze minor ben je beperkt tweedegraads bevoegd. Je mag dan lesgeven in de onderbouw van havo/vwo en in vmbo-tl. Met deze minor krijg je doorgaans vrijstellingen voor een deel van de educatieve master.
    Lees meer
  • Na afronding van de educatieve minor/module ben je beperkt tweedegraads bevoegd. Je mag dan lesgeven in de theoretische leerweg van het vmbo (vmbo-tl) en in de onderbouw van de havo en het vwo.
    Lees meer
  • Het mbo staat voor middelbaar beroepsonderwijs. Het mbo leidt studenten op tot vakmensen. Er zijn zo'n 500 beroepsopleidingen waar je een mbo-diploma voor kunt halen.
    Lees meer
  • Pabo staat voor pedagogische academie basisonderwijs. De pabo is de hbo-opleiding om leraar in het primair onderwijs te worden.
    Lees meer
  • Een kopopleiding is een 1-jarige hbo-lerarenopleiding waarmee je met een eerder behaald hbo- of wo-bachelordiploma een tweedegraads bevoegdheid kunt halen. Je komt in aanmerking voor de kopopleiding wanneer je in het bezit bent van een bacheloropleiding die direct aansluit bij een schoolvak.
    Lees meer
Begrippen en afkortingen

Overige begrippen

  • Het traditioneel vernieuwingsonderwijs bestaat uit verschillende onderwijsconcepten die afstand nemen van het reguliere, klassikale onderwijs. Dit zijn: montessori-, dalton-, vrije-, jenaplan- en freinetscholen .
    Lees meer
  • Een VOG staat voor Verklaring Omtrent Gedrag. Het is een papieren document dat aangeeft dat jouw gedrag in het verleden geen bezwaar vormt voor een bepaalde taak of functie. Er wordt gekeken of er geen strafbare feiten en/of andere bezwaren gevonden zijn in je verleden.
    Lees meer
  • Tegenwoordig wordt de studielast uitgedrukt in ECTS (of EC’s), wat staat voor European Credit Transfer System. In het Nederlands wordt vaak met de term 'studiepunten' verwezen naar ECTS. Een studiejaar (1680 studie-uren) komt overeen met 60 ECTS-credits. Eén credit staat dus voor 28 studie-uren.
  • Het hoger onderwijs bestaat uit: - het onderwijs op hogescholen (het hoger beroepsonderwijs: hbo) - het onderwijs op universiteiten (het wetenschappelijk onderwijs: wo)
    Lees meer
  • 10-14-onderwijs is voor leerlingen van 10 tot 14 jaar. Deze scholen staan ook wel bekend als tienerscholen. Leerlingen krijgen op deze scholen meer tijd om te ontdekken wat ze willen en kunnen en wat bij hen past, voordat ze een keuze voor een middelbare school moeten maken.
  • Fte staat voor fulltime-equivalent. Het is een rekeneenheid waarmee de omvang van een aanstelling wordt uitgedrukt. 1.0 fte is een volledige werkweek. Een functie van 0,4 fte bijvoorbeeld is – uitgaande van een werkweek van 40 uur – een functie van 0,4 x 40 = 16 uur, wat neerkomt op twee werkdagen.
    Lees meer
  • EVC staat voor Erkenning van eerder Verworven Competenties. In een certificaat wordt vastgelegd welke kennis, inzichten en ervaringen je tot nu toe hebt opgedaan in je werk en tijdens je vooropleidingen. Een EVC staat niet gelijk aan een bevoegdheid.
    Lees meer
  • De afkorting lwoo staat voor leerwegondersteunend onderwijs. Lwoo is onderwijs aan vmbo-leerlingen van de basis- en soms van de kaderberoepsgerichte leerweg en biedt leerlingen met leerachterstanden extra ondersteuning, zodat ze makkelijker hun diploma kunnen halen.
    Lees meer
  • ABP staat voor het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds. Dit fonds is verantwoordelijk voor de pensioensregelingen van onderwijspersoneel. Op de website van het ABP (link) staat meer informatie over deze pensioenregeling.
    Lees meer
  • Hogescholen of universiteiten geven vaak zelf in hun vacatureteksten aan welke voorwaarden zij aan hun docenten stellen. Veel onderwijsinstellingen verplichten docenten om in de eerste paar jaar van onderwijs geven een basiskwalificatie onderwijs (BKO) te halen.
  • Een PhD is de hoogste academische graad die je kunt halen. In een PhD-positie doe je wetenschappelijk onderzoek en schrijf je een proefschrift. Vroeger heette dat promoveren. Je krijgt dan de titel dr. en wordt doctor in de wetenschap. De internationale term hiervoor is PhD.
    Lees meer
  • Sommige scholen vallen onder het 'bijzonder onderwijs': zij gaan in hun onderwijsvisie uit van een bepaalde levensbeschouwing. Zo zijn er christelijke, islamitische en joodse scholen. Veel bijzondere scholen vragen hun personeel de levensbeschouwelijke identiteit van de school te onderschrijven.
    Lees meer
  • Het traject 'zij-instroom in het beroep' is een tweejarig traject waarbij je tegelijkertijd werkt en leert. Je bent in dienst van de school en volgt daarnaast vakken op een lerarenopleiding. Om in aanmerking te komen voor een zij-instroomtraject heb je minimaal een hbo- of wo-diploma nodig.
  • Primair onderwijs en basisonderwijs worden vaak door elkaar gebruikt, maar deze termen betekenen niet hetzelfde. Primair onderwijs is de parapluterm voor het reguliere basisonderwijs, het speciaal basisonderwijs, het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.
    Lees meer
Over het Onderwijsloket